door Jan D. Swart
Ruim vijf uur duurde de recordschorsing van de Rotterdamse gemeenteraad over de door wethouder Van Gils ontvangen vertrekregeling van 75.000 euro van de gemeente Amsterdam, die hij weliswaar volkomen rechtsgeldig gekregen had, maar waaraan een tijdsluchtje zat. De oppositie vroeg terugbetaling en daar had de opvolger van wethouder Adriaan Visser geen trek in.
Van Gils – sinds februari van dit jaar in dienst van de gemeente Rotterdam - had die 020-vertrekpremie gekregen omdat hij zijn hoge positie bij de gemeente Amsterdam aanvankelijk had ingewisseld voor het avontuur als zzp-er met op het moment van beslissing twee opdrachten. Maar die lieten zijn loonstrook voor de toekomst niet lachen. Ter compensatie kreeg hij daarom 75.000 euro van de gemeente Amsterdam.
Tot zover kon de raad in Rotterdam met zijn entree in de havenstad leven.
Maar uiteindelijk was Van Gils slechts twee maanden zzp-er. Want binnen no time werd hij gevraagd als en benoemd tot wethouder in Rotterdam. Op de snelheid van die move had hij zelf trouwens ook niet gerekend, zei hij eerlijk. Maar er was daardoor wel, eerlijk is eerlijk, geen geldelijke schade meer te bespeuren.
Eindelijk een Rotterdammer die 75.000 euro aan Amsterdam verdiende. Even werd er gelachen in het zaaltje naast de raadzaal, maar de grap ging er niet in bij de oppositie onder leiding van Michel van Elck van Leefbaar en Ellen Verkoelen van 50Plus. Hels waren ze en zelfs coalitiepartner GroenLinks had er – terwijl de oren bij de oppositie bij de vaststelling van die verbazing op stelen stonden - geen goed woord voor over.
‘’Van Gils had met vlag en wimpel de gevierde man kunnen zijn als hij die 75.000 onmiddellijk zou hebben terugbetaald, want 75.000 is 35.000 netto en als hij die 35 mille aan een goed doel had geschonken, had hij ook nog om en nabij 15.000 euro van de belasting kunnen aftrekken. Dus voor een acceptabele prijs had Van Gils met een geweldig imago Rotterdam binnen kunnen komen fietsen, terwijl hij nu door Denk een graaier werd genoemd’’, luidde de reactie van de oppositie. ‘’Tel uit je winst.’’
Voedselbank
Stephan van Baarle, de fractievoorzitter van Denk, vond het vooral schadelijk voor de beeldvorming van de politiek. ‘’In de bestuurlijke bubbel van de baantjesbobo’s wordt werkelijk gesmeten met geld om het diezelfde baantjesbobo’s naar de zin te maken. Ze organiseren feestjes en recepties waar de wijn rijkelijk vloeit, terwijl de gewone Rotterdammer soms in de rij staat voor de voedselbank.’’
‘’Ja, ik snap de maatschappelijke verontwaardiging’’, erkende Van Gils, die na vijf uur onderbreking (inclusief avondeten) in navolging van zijn collega’s Bokhove en Kasmi verrassenderwijs geen motie van treurnis aan zijn broek kreeg, maar op wie wel na vijf uur een moreel appel werd gedaan om de telefoon te pakken, in te loggen op zijn bank en te storten.
Liefst ook de 11.611 euro cursusgeld, want Van Gils had na zijn periode als gemeentesecretaris van Amsterdam op kosten van de gemeente ook nog even een leergang aan de Nyenrode Business Universiteit gevolgd.
Met de gave van het woord waarbij de kunst van lang praten en niks zeggen op het laatst niet irriteert maar bewondering wekt, kwam Arjan van Gils vrij en vond men de grap dat een Rotterdammer een Amsterdammer voor 75 mille ‘’een kunstje had geflikt’’ alsnog leuk.
Trouwens: Van Gils had zelf ook nog reuze gevoel voor humor, want hij kondigde aan dat – nu hij gemerkt had dat men in zijn nieuwe stad niet gediend is van ‘’die Haarlemmerdijkjes’’ – deze gouden handdrukken voortaan in Rotterdam onder zijn bewind aan een geweldige discipline zullen worden onderworpen.
Wel excuus
Wel bood Van Gils zijn excuus aan. Maar dat gold een vakantie die hij niet had gemeld. Hij reisde met zijn gezin door Canada en Alaska op het moment dat z’n gouden handdruk van 75.000 euro was uitgelekt en om opheldering vroeg. Ook het Warmtebedrijf was in opspraak.
‘’Ja, ik had die vakantie nu eenmaal geboekt voordat ik wist dat ik wethouder zou worden. En ik heb er door onwetendheid ook niet bij stil gestaan dat ik die afwezigheid ook de raad nog moest melden’’, klonk zijn verweer en dat klonk begrijpelijk. En om verder gezeur te voorkomen roepen politici dan onder excuses ‘’dat het niet meer zal gebeuren.’’ Van Gils ook.
Hij was in Alaska toen de bom barstte. ‘’Was er lekker gebleven’’, riep Stephan van Baarle van Denk, die de oneliners uit zijn mouw schudt. Maar daar had Van Gils toch maar van afgezien. Hij meldde zich donderdag keurig voor de afraggeling en onderging die stoïcijns met veel woorden, die hij ook in het Arabisch had kunnen uitspreken want iedereen dacht: laat maar waaien.



