De gemeente Rotterdam heeft er geen idee van in welke mate dieren gebruikt worden in de hulpverlening zoals blindengeleidehonden voor mensen met een visuele beperking en zorgboerderijen of paarden die worden gebruikt tijdens de dagbesteding voor gehandicapten. Bovendien moet de Rotterdamse zorgwethouder De Langen erkennen dat het ontbreekt aan regelgeving over het borgen van dierenwelzijn in die hulpverlening.
‘’In de overeenkomsten met de zorgaanbieders is opgenomen dat zij zich moeten houden aan de relevante en toepasselijke wet- en regelgeving. Het Rijk is bevoegd voor het stellen van regels en het handhaven van regels op grond van dierenwelzijn’’, aldus De Langen in antwoord op vragen van de Partij voor de Dieren in Rotterdam en daarbij voortdurend verwijst naar wat er in de 2e Kamer over is afgesproken.
Wel heeft hij toegezegd uit te zoeken welke gecontracteerde zorgaanbieders gebruik maken van dieren in hun hulpverlening. Maar dat kan pas zodra de Nota Dierenwelzijn voor de gemeenteraad van Rotterdam beschikbaar is.
De Raad voor Dieraangelegenheden merkt op dat het vooralsnog wetenschappelijk niet kan worden aangetoond dat het gebruik van dieren in hulpverlening per definitie meerwaarde heeft voor de doelgroep. Er zijn wel degelijk aanwijzingen dat het welzijn van dieren tijdens dierondersteunende interventies in het gedrang komt.



