Het viel niet mee voor D66-raadslid Elene Walgenbach om binnen te treden in het redelijk afgescheiden politieterritorium van burgemeester Aboutaleb bij haar enthousiaste poging een paar vrolijkheidverboden in Rotterdam te flexibiliseren. Ze keek met een triomfantelijk hoofd, zo van: het is wel 2019, hè.
Even was er kortsluiting. De losheid van het uitgaansleven en het boek met de voorschriften – met de D66-titel ‘De Betutteling’ - leven op gespannen voet. D66 denkt ruim en modern als het gaat om een stickie, een snuifje en een haaltje lachgas en foetert intern wat af over het bestaan van de te vele regeltjes binnen de uitdijende APV. De burgemeester is daarin conservatiever.
Dus toen het dinsdagavond zover was en D66 inademde voor een pleidooi om Rotterdam niet te laten verkrampen, trof Walgenbach – het was inmiddels einde van een lange avond - een zichtbaar stroeve burgemeester aan.
‘’Volgens mij heb ik vanavond nota bene drie voorstellen gehoord om de APV aan te vullen en daar was ik het niet eens mee eens, dus ja’’, sprak hij. ‘’Vraag mij dat niet om er aan de achterkant weer een paar af te halen.’’ Om er gepikeerd aan te voegen: ‘’Nee dus.’’
Vijf minuten later had Aboutaleb zich wel weer vriendelijk ‘under control’ en ontstond er een debatje over het verzamelen van wormachtige larven, wat binnen de APV ook nauwlettend in de gaten werd gehouden. Ongelukkigerwijs gaf ze het verkeerde voorbeeld, want juist die wormachtige larven – wist Aboutaleb uit een overleg bij het CHIO – waren gevaarlijk voor de paarden die straks in het Kralingse Bos gaan rondlopen.
‘’Ik bedoelde het verzamelen van visvoer’’, corrigeerde Arsieni.
Inmiddels was de irritatie bij de burgemeester alweer gezakt en bood hij D66 aan dan zelf maar met een lijstje te komen van verboden, die een last zijn voor de feestfederaties van de Witte de Withstraat en de Meent.
‘’Ja, ik heb u gehoord en ik heb u begrepen’’, sprak Arsieni. Achter haar glunderde Walgenbach, en schuin achter haar óók Dennis Tak van de PvdA. Binnen vier minuten hadden ‘De Nieuwe Stappers’ een opheflijstje, maar ze moeten het wel schriftelijk indienen.



