De fractie van de Partij van de Dieren in Rotterdam wil weten wat al die festivals in de stad de burger eigenlijk kosten, want de entreegelden zijn ontoereikend. De grootste kostenpost komt zodoende naar Stadsbeheer, dat de buitenruimte op orde moet houden en verder bij de gemeentelijke veiligheidsdiensten, die de openbare orde moeten bewaken. Volgens de Partij van de Dieren gaat het college ‘’er prat op dat er directe en indirecte baten gemoeid zijn met festivals in de buitenruimte.’’ Maar dat betwijfelt raadslid Van der Velden, zeker wanneer het eendaagse festivals betreft. ‘’Naar inkomsten uit de logiesbelasting kunnen we dan fluiten.’’
Omdat de aantallen festivals gestaag stijgen en de leges te laag blijven om de kosten te dekken, vraagt Ruud van der Velden zich af of het niet tijd wordt om – naar het voorbeeld van Amsterdam, waar eenzelfde tendens merkbaar is – ‘’vermakelijkhedenretributie in te stellen’’, zodat de kosten voor het organiseren van festivals in de buitenruimte voortaan worden verhaald op de organisatoren.
Als het voorstel van de Partij voor de Dieren in een verder onderzoekstraject zou leiden tot een debat in de gemeenteraad en inzet van de politie bij festivals door particuliere organisatoren daarbij ter sprake komt, wordt dit een ingewikkelde materie. In 2002 beoordeelde de toenmalige burgemeester van Amsterdam Job Cohen festivals gelijk aan voetbalwedstrijden en wilde hij - na rellen - ook niet meer betalen voor politie-inzet rond de thuiswedstrijden van Ajax. Feyenoord, dat van dit voornemen schrok, kreeg toen steun van het nieuwe Leefbaar Rotterdam dat geen heil zag in zo’n maatregel.



